Jaarverslag 2017

Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (ODZOB)
Algemene informatie
Gevestigd te : Eindhoven (Wal 28, Postbus 8035, 5601KA Eindhoven) De Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (ODZOB) is een Openbaar Lichaam op basis van een Gemeenschappelijke Regeling (GR), gevormd door de gemeenten Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a., Oirschot, Reusel-De Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven, Waalre en de provincie Noord-Brabant. De ODZOB (actief sinds 1 juni 2013) is net als de overige omgevingsdiensten opgericht naar aanleiding van enkele grote milieu-incidenten. Er zijn afspraken gemaakt over bijvoorbeeld het verplichte basistakenpakket (minimum takenpakket), de kwaliteitscriteria voor vergunningverlening en handhaving en financiering. De ODZOB onderkent vier programmadelen waaraan baten gekoppeld zijn: 1. Basistaken; 2. Verzoektaken; 3. Collectieve taken; 4. Intensiveringsprogramma. Het gaat hier voor het overgrote deel om werkzaamheden die in verleden door de SRE Milieudienst werden uitgevoerd aangevuld met het toezicht op grond van de Wet bodembescherming (basistaak, niet gemandateerd).
Ontwikkelingen
- Op 14 april 2016 is de Wet VTH in werking getreden. Het doel van deze wet is een veilige en gezonde leefomgeving, door het bevorderen van de kwaliteit en samenwerking bij de uitvoering en handhaving van het omgevingsrecht. De wet is een invulling van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en regelt de randvoorwaarden voor gemeenten en provincies om tot een hogere kwaliteit van vergunningverlening, toezicht en handhaving te komen. Zo wordt het basis takenpakket van de omgevingsdiensten wettelijk verankerd en worden gemeenten en provincies verplicht een verordening kwaliteit VTH te hebben - Het bevoegde gezag en de dienst functioneren binnen de bestaande weten regelgeving. In 2016 hebben alle colleges van de deelnemers als bevoegd gezag de aanbeveling van het IPO en het Openbaar Ministerie overgenomen en de Landelijke HandhavingsStrategie (LHS) vastgesteld als hun eigen handhavingsstrategie. Deze LHS houdt in dat als uitvoering wordt gegeven aan de beginselplicht tot handhaving, passend wordt geïntervenieerd bij iedere bevinding en dat in vergelijkbare situaties vergelijkbare keuzes en interventies worden gedaan door het bevoegde gezag/omgevingsdienst, de politie en het Openbaar Ministerie. Milieuovertredingen kunnen zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk worden opgepakt. De strafrechtelijke aanpak door de omgevingsdiensten gebeurt onder inhoudelijke verantwoordelijkheid van het Openbaar Ministerie. - Naast voorgenoemde wet is sinds 1 juli 2017 het Besluit Omgevingsrecht (Bor) van kracht. In deze AMvB is vastgelegd wat basistaken zijn. Ook worden daarin eisen gesteld aan de beleidscyclus, dienen bevoegde gezag en te komen tot een gezamenlijk uitvoeringsniveau van de basistaken en de uitkomst daarvan te monitoren. De impact van de Bor is voor zowel ODZOB als de deelnemers aanzienlijk: de discussie over wat wel en niet basistaken zijn, is afgerond en deelnemers zullen de komende periode om die reden de tot op heden nog niet ingebrachte basistaken overdragen aan de ODZOB. Ook zullen deelnemers in de ODZOB samen met de dienst op diverse terreinen regionaal uitvoeringsbeleid dienen vast te stellen; voorbereiding hiervan geschiedt in het Algemeen Bestuur (AB), en vervolgens zullen de bevoegde gezagen ieder afzonderlijk het regionale beleid dienen vast te stellen. Dat betekent dat de agenda’s van de colleges van B&W en GS steeds vaker gevoed zullen worden met stukken die zijn voorbereid in het AB van de ODZOB. - De Omgevingswet, die naar verwachting op 1 januari 2021 in werking treedt, betekent een algehele stelselherziening voor de wet- en regelgeving, die ziet op de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. De herziening heeft een grote impact op de manier van werken, de cultuur, het juridisch en technisch instrumentarium en grote gevolgen voor de bevoegde gezagen en organisaties die bij de wet betrokken zijn. De wet beoogt het vergroten van de inzichtelijkheid en het gebruikersgemak, het versnellen van de besluitvorming, meer lokale afwegingsruimte en een samenhangende benadering. De herziening vraagt om regionale afstemming en samenwerking. De ODZOB wil zich graag samen met de deelnemers van de GR en de andere betrokken partners, waar onder de Metropoolregio Eindhoven (MRE), GGD en VRBZO voorbereiden op de komst van de wet.
Realisatie beleidsvoornemens
Naast de wet komt er ook nog een AMvB VTH en een wijziging van het Besluit Omgevingsrecht. In de concept AMvB VTH wordt een vertaalslag gemaakt van de Package Deal (basistakenpakket) naar het Besluit Omgevingsrecht (Bor). Ook zijn procescriteria opgenomen voor vergunningverlening en wordt de basis gelegd voor een gemeenschappelijk inspectiesysteem (Inspectieview Milieu).
Wijze waarop de gemeente een belang heeft
Het Algemeen Bestuur, waarin alle 21 gemeenten en de provincie NB door een lid vertegenwoordigd zijn, stelt de algemene kaders vast. Het Dagelijks Bestuur draagt zorg voor de uitvoering van besluiten van het Algemeen Bestuur van de ODZOB en ze ziet toe op het correct functioneren van de bedrijfsvoering van de uitvoeringsorganisatie. Wethouder Smeulders is lid van het Algemeen Bestuur namens Helmond.
Openbaar belang dat er mee gediend wordt
De ODZOB zorgt voor een gezonde en veilige leefomgeving (kwaliteit van de fysieke leefomgeving) door uitvoering van de door de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling opgedragen taken. Basistaken en de verzoektaken worden door de deelnemers bij de ODZOB belegd in de vorm van werkprogramma’s. Een werkprogramma bevat een prognose van het aantal te verlenen omgevingsvergunningen, meldingen, uit te voeren toezicht en -handhaving, behandelen van klachten en andere milieu gerelateerde werkzaamheden.
Risico's
- Gemeenten zijn aansprakelijk voor de tekorten o.b.v. afname diensten. Hoe minder diensten afgenomen worden, hoe hoger het risico. Om zowel de opbouw van de uurtarieven als het monitoren van de efficiencyverbeteringen en kostenbesparingen goed te kunnen volgen en transparant te kunnen bespreken, is een ambtelijke financiële werkgroep geformeerd. Deze werkgroep onderzoekt samen met de controller van de ODZOB o.a. nadere beheersmaatregelen. - Mutaties in werk, denkende aan taken Wbb/ deregulering/ lokaal beleid; t.z.t. Omgevingswet. Deelnemers d.m.v. goede communicatie overtuigen van de consequenties van dergelijke situaties en zorgen dat de capaciteit kan worden aangepast door met een flexibele schil te werken. - Verlies van het takenpakket aan kleine samenwerkingsverbanden en andere concurrenten. In algemene zin zal dit risico moeten worden opgevangen door een aanpassing in de werkorganisatie (bezuiniging, ombuiging, nieuwe omzet) voor de daarop volgende begrotingsperiode. Korte termijn frictiekosten zouden opgevangen moeten kunnen worden vanuit het weerstandsvermogen.
Belang begin van het jaar
Afrekening en verdeling vindt plaats op basis van de uitgezette opdrachten bij de ODZOB door de deelnemers.
Belang eind van het jaar
Afrekening en verdeling vindt plaats op basis van de uitgezette opdrachten bij de ODZOB door de deelnemers.
Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (ODZOB). ( x € 1.000)
Rekening 2016Begroting 2017Rekening 2017
Eigen vermogen1.5761.5761.576
Vreemd vermogen8.4437.0665.055
Resultaat
Bijdrage in exploitatie743745688